Betekenis van:
merkteken

merkteken (het ~ | meervoud merktekens, merktekenen)
Zelfstandig naamwoord
  • onderscheidend kenmerk; onderscheidend kenteken
"een duidelijk merkteken"
"iets van een merkteken voorzien"

Synoniemen

Hyperoniemen

merkteken
Zelfstandig naamwoord
  • een teken dat ergens op is geplaatst en dat ter identificatie of beloning gebruikt kan worden
"Het dier kreeg een merkteken op zijn lichaam."

Voorbeeldzinnen

  1. Merkteken
  2. Fiscaal merkteken
  3. asymmetrisch velgbed (geen merkteken)
  4. MERKTEKEN (indien van toepassing)”
  5. Merkteken SO/IB
  6. Nr. MERKTEKEN (indien van toepassing)
  7. Nr. merkteken (indien van toepassing)
  8. exemplaren van het merkteken, indien van toepassing.
  9. Registratie-merkteken(s) en, voor zover beschikbaar, constructie-serienummer(s)
  10. Wanneer een merkteken onleesbaar is geworden of is verloren, moet overeenkomstig dit artikel een nieuw merkteken worden aangebracht;
  11. Wanneer het merkteken van dieren onleesbaar is geworden of verloren is, moet een nieuw merkteken worden aangebracht dat gerelateerd kan worden aan het vorige.
  12. Vermeld „1” wanneer de goederen een fiscaal merkteken dragen of bevatten dan wel „0” wanneer zij geen fiscaal merkteken dragen of bevatten.
  13. Het merkteken mag niet hoger dan 2 m boven de spoorstaafkop worden aangebracht.
  14. Wielstellen dienen te zijn voorzien van een serienummer, een typenummer en het merkteken van de eigenaar.
  15. Dit punt moet tegelijk met de meting van een daarvoor bestemd merkteken worden voorzien.