Betekenis van:
objectief

objectief
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet subjectief
"objectief onderzoek"
"objectieve werkelijkheid"

Hyperoniemen

objectief
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet beïnvloeden|beïnvloed door persoonlijke meningen, belangen of ideeën
"De commissie bracht een objectief verslag over het gebeurde uit."
objectief
Bijvoeglijk naamwoord
  • waarneembaar.
objectief
Zelfstandig naamwoord
  • de lens (of het lenzenstelsel) van een optisch instrument (bijvoorbeeld een microscoop of verrekijker) die zich het dichtst bij het te bekijken voorwerp ('object') bevindt
"Een camera met een verwisselbare objectieven."
objectief (het ~ | meervoud objectieven)
Zelfstandig naamwoord
  • lens

Hyperoniemen

objectief
Bijwoord
  • op een onpartijdige, neutrale wijze; zich aan de feiten houdend
"De commissie heeft het geval objectief onderzocht."

Voorbeeldzinnen

  1. Deze criteria zijn objectief en niet-discriminerend.
  2. Zij moeten op objectief bewijsmateriaal berusten.
  3. Daarbij gaan ze objectief en consequent te werk.
  4. Dergelijke maatregelen zijn relevant, objectief en niet-discriminerend en staan in verhouding tot het desbetreffende risico.
  5. Dergelijke interne boekhoudingen moeten steunen op consequent toegepaste en objectief gerechtvaardigde normen voor kostentoerekening.
  6. Bijgevolg is de schadevergoedingsclausule in de raamovereenkomst objectief noodzakelijk en zodoende marktconform.
  7. Deze procedures, voorwaarden en criteria zijn niet-discriminerend, transparant en objectief.
  8. Tekortkomingen controleprocedure — controles niet frequent of grondig genoeg; bemonsteringsprocedure niet objectief
  9. De verschillende soorten ondernemingen, gedefinieerd volgens hun banden met andere ondernemingen, beantwoorden aan objectief verschillende integratieniveaus.
  10. Die technische voorschriften waarborgen de interoperabiliteit van de systemen en zijn objectief en niet-discriminerend.
  11. De schadevaststelling dient op positief bewijsmateriaal te berusten en houdt een objectief onderzoek in van zowel:
  12. het onderzoek naar en de beslissing over asielverzoeken individueel, objectief en onpartijdig wordt verricht, respectievelijk genomen;
  13. De gegevensbronnen moeten transparant en objectief zijn en voldoende betrouwbare, volledige en continue gegevens kunnen verschaffen.
  14. Volgens hen was de selectieprocedure objectief geweest en was het eerlijke verloop van de procedure nooit ter discussie gesteld.
  15. Volgens de Franse autoriteiten is de drempelwaarde voor de belasting gebaseerd op een objectief en rationeel criterium.