Betekenis van:
ondenkbaar

ondenkbaar
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet voor te stellen; niet voorstelbaar
"dat was destijds ondenkbaar"
"niet ondenkbaar"

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. Gelet op deze mogelijkheden lijkt de terugvordering met terugwerkende kracht ondenkbaar.
  2. Volgens Oostenrijk is voortzetting van de exploitatie van een luchtvaartmaatschappij door een curator zonder exploitatievergunning ondenkbaar.
  3. Zonder automatisering zou het echter al helemaal ondenkbaar zijn geweest dat de bedrijfstak van de Gemeenschap had kunnen concurreren met de invoer uit landen waar de energiekosten, de grondstoffen en de arbeid zeer goedkoop zijn.
  4. Op grond van die overwegingen is het dus ondenkbaar dat een oliemaatschappij verschillende subsidies zou ontvangen en dat zulks een weerslag op het handelsverkeer tussen de lidstaten in de zin van artikel 87, lid 1, van het EG-Verdrag zou hebben.