Betekenis van:
onmogelijk

onmogelijk
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet te verdragen
"een onmogelijk mens"
"je ergens onmogelijk maken"

Synoniemen

Hyperoniemen

onmogelijk
Bijvoeglijk naamwoord
  • ridicuul; wonderlijk en buitensporig; bespottelijk; belachelijk
"een onmogelijke hoed"
"op onmogelijke tijden binnen komen vallen"

Synoniemen

Hyperoniemen

onmogelijk
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet mogelijk
"niets is onmogelijk"
"iets voor onmogelijk houden"

Synoniemen

onmogelijk
Bijvoeglijk naamwoord
  • niet te verwezenlijken

Voorbeeldzinnen

  1. Dit kan onmogelijk waar zijn.
  2. Ik kan je onmogelijk helpen.
  3. Overwinning is onwaarschijnlijk, maar niet onmogelijk.
  4. Bah! Heeft hij dat echt gezegd? Onmogelijk!
  5. Het was onmogelijk zijn vragen te begrijpen.
  6. Het is onmogelijk dat ze zelfmoord gepleegd zou hebben.
  7. Het is onmogelijk op dat eiland te wonen.
  8. Ik weet niet wat het woord 'onmogelijk' betekent.
  9. Ik denk dat het onmogelijk is dat wij hem verslaan.
  10. De Bijbel is duidelijk een complex geschrift, dat onmogelijk door één auteur geschreven kan zijn.
  11. Het is onmogelijk te zeggen wanneer de aarde precies ontstaan is.
  12. Niets is onmogelijk voor hen die willen
  13. Ze wisten niet dat het onmogelijk was, dus ze deden het.
  14. Het is vrijwel onmogelijk om het verslag morgen af te hebben.
  15. De sneeuw die gisteren is gevallen, is geen paksneeuw. Het is onmogelijk er sneeuwballen van te maken.