Betekenis van:
ontuchtig

ontuchtig
Bijvoeglijk naamwoord
  • de regels (en wetten) van de (seksuele) moraal niet in acht nemend
"Je wordt beschuldigd van ontuchtige handelingen."
ontuchtig
Bijvoeglijk naamwoord
  • onzedig; schuin; onzedelijk; schunnig; niet eerbaar; niet zedig; obsceen

Synoniemen

Hyperoniemen