Betekenis van:
opsteker

opsteker (de ~ | meervoud opstekers)
Zelfstandig naamwoord
  • tijdelijk goedkoper artikel; zeer voordelige aanbieding; onverwachte meevaller; iets goedkoops (m.n. auto's)
"een opsteker voor [iemand]"
"een fijne opsteker"

Synoniemen

Hyperoniemen