Betekenis van:
over ... heen

Werkwoord


Voorbeeldzinnen

  1. Zwarte wolken dreven over de stad heen.
  2. De planten kunnen over de infectie heen groeien.
  3. De pijlen binnen het kader van de WKK-eenheid illustreren de energiestroom over de systeemgrenzen heen.
  4. De bovenbil (in België „dikke bil” genoemd) puilt zeer ruim over de schaambeensvoeg (symphisis pelvis) heen
  5. De omschrijving van de minimumeisen voor de continuïteit van ITS-diensten voor het beheer van vrachtvervoer langs vervoerscorridors heen en over verschillende vervoerswijzen heen, op basis van:
  6. De bovenbil („dikke bil”) puilt over de schaambeensvoeg (symphisis pelvis) heen
  7. De bovenbil („dikke bil”) puilt ruimschoots over de schaambeensvoeg (symphisis pelvis) heen
  8. het faciliteren van elektronische uitwisseling van verkeersgegevens en -informatie tussen de bevoegde verkeersinformatie-/controlecentra en de verschillende belanghebbenden over de landsgrenzen heen en, in voorkomend geval, over de grenzen van de regio’s heen, en tussen stedelijke en interstedelijke gebieden;
  9. Ioniserende straling van radioactief materiaal kan effecten hebben na de levensduur van nucleaire installaties en over de nationale grenzen heen.
  10. Aangezien aanzienlijke hoeveelheden floatglas over de landsgrenzen heen geleverd worden, is er sprake van grensoverschrijdende handel op de floatglasmarkt.
  11. Hoeklassen mogen niet over stuiklassen heen worden gelegd en de onderlinge afstand moet ten minste 10 mm bedragen.
  12. geschikt om de afstand over de bovenkant van een hete-celwand met een dikte van 0,6 m of meer te overbruggen (opereren over de wand heen).
  13. geschikt om de afstand over de bovenkant van een hete-celwand met een dikte van 0,6 m of meer te overbruggen (opereren over de wand heen).
  14. geschikt om de afstand over de bovenkant van een hete-celwand met een dikte van 0,3 m of meer te overbruggen (opereren over de wand heen).
  15. geschikt om de afstand over de bovenkant van een hete-celwand met een dikte van 0,6 m of meer te overbruggen (opereren over de wand heen).