Betekenis van:
priester

priester
Zelfstandig naamwoord
  • iemand die de religieuze (offer) rituelen verzorgt
"De priesters van Amon waren bijzonder machtig in het Egypte van de 21ste dynastie."
priester (de ~ | meervoud priesters)
Zelfstandig naamwoord
  • dienares in een eredienst; geestelijke v.d. rooms-katholieke kerk
"iemand tot priester wijden"
"de kerk staat vooralsnog afwijzend tegenover getrouwde en vrouwelijke priesters"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

priester (de ~ | meervoud priesters)
Zelfstandig naamwoord
  • iemand in een zwart kostuum; dienaar in een eredienst

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen


Voorbeeldzinnen

  1. Je bent priester voor altijd