Betekenis van:
schommelen

schommelen
Werkwoord
  • (van grootheden en getallen) zich bewegen om een gemiddelde
"De prijzen schommelen"

Hyperoniemen

schommelen
Werkwoord
  • op een schommel heen en weer bewegen
"De hele dag schommelt Jantje tot hij ervan duizelt."
schommelen
Werkwoord
  • op en neer bewegen
"Door de nieuwe golf van aanslagen ging de olieprijs weer aan het schommelen."

Werkwoord