Betekenis van:
servet

servet (het ~ | meervoud servetten)
Zelfstandig naamwoord
  • doekje tegen het knoeien
"een servet vouwen"
"te groot voor servet en te klein voor tafellaken"

Hyperoniemen

Hyponiemen

servet
Zelfstandig naamwoord
  • een doek die men aan tafel gebruikt om er de mond en vingers mee af te vegen
"Er lagen een aantal papieren servetten op de toonbank bij de snackbar."