Betekenis van:
sluis

sluis (de ~ | meervoud sluizen)
Zelfstandig naamwoord
  • kunstmatige d.m.v. deuren te openen waterkering tussen wateren met ongelijk peil
"een sluis openen/sluiten"
"water door een sluis inlaten/aflaten"

Hyperoniemen

sluis (de ~ | meervoud sluizen)
Zelfstandig naamwoord
  • waterdichte schuif op een schip

Hyperoniemen

Werkwoord