Betekenis van:
succes

succes (het ~ | meervoud successen)
Zelfstandig naamwoord
  • gunstig resultaat; succes
"succes heeft vele vaders"
"(veel) succes met [je afrijden]!"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

succes
Zelfstandig naamwoord
  • het slagen van een opzet
"Wikipedia is een doorslaand succes geworden."

Voorbeeldzinnen

  1. Succes.
  2. We verlangen allemaal naar succes.
  3. Gezondheid is een belangrijke voorwaarde voor succes.
  4. Ik denk dat hij succes zal hebben.
  5. Doorzettingsvermogen is, onder andere, noodzakelijk voor succes.
  6. Een man zo ijverig als hij moet wel succes hebben.
  7. Bijgevolg kon de staat met succes elk genomen besluit tegenhouden.
  8. ANDER MET SUCCES AFGESLOTEN FORMEEL ONDERWIJS- OF OPLEIDINGPROGRAMMA DAN „HATLEVEL”
  9. in het geval van een gedeeltelijk succes eist de lidstaat dat de terugbetaling in verhouding staat tot de mate waarin succes is behaald.
  10. het met succes doorstaan van een achtergrondcontrole of controle vóór indienstneming overeenkomstig de nationale regels, en
  11. Onderwerp/inhoud van hoogste niveau van met succes afgesloten onderwijs of opleiding
  12. Voorafgaande aan de kwalificatie moeten kandidaten met succes een opleiding hebben voltooid die bestaat uit:
  13. Goed bestuur is dus van groot belang om de territoriale dimensie met succes aan te pakken.
  14. Jaar waarin het hoogste onderwijs- of opleidingsniveau met succes werd afgesloten
  15. Volgens BE werd dat probleem met het herstructureringsplan met succes aangepakt.