Betekenis van:
tactisch

Bijvoeglijk naamwoord

tactisch
mbt. de tactiek
"het tactisch veldspel"
"De Afrikaanse landen koppelen nog steeds hun vaak fabelachtige techniek en fysieke gesteldheid aan tactisch onvermogen en soms waanzinnig betonvoetbal."
tactisch
waarbij aan alles behoorlijk gedacht is
"een tactische zet"
"hij pakte het tactisch aan"

Synoniemen