Betekenis van:
toezeggen

toezeggen
Werkwoord
  • beloven; toezeggen
"(iemand) je steun toezeggen"
"[geld] toezeggen aan [een project/projectgroep]"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

toezeggen
Werkwoord
  • beloven
"Hij had toegezegd deze verandering te zullen ondersteunen."

Voorbeeldzinnen

  1. In april 2004 deelde Duitsland echter mee niet definitief te kunnen toezeggen dat de on-line-shops zouden worden gesloten.
  2. In april 2004 deelde Duitsland evenwel mee de sluiting van de on-line-shops niet definitief te kunnen toezeggen. Duitsland verwees daarbij naar het uiteindelijk door MobilCom geformuleerd rechtsstandpunt.
  3. Na een volgende schrijven van de Commissie van 26 maart 2004 deelde Duitsland bij schrijven van 2 april 2004 en van 28 april 2004, geregistreerd op 2 april 2004 en 28 april 2004, mee niet definitief te kunnen toezeggen dat de on-line-shops van MobilCom zouden worden gesloten.