Betekenis van:
vanzelfsprekend

vanzelfsprekend
Bijwoord
  • iets dat geen verdere uitleg nodig heeft
"Het is vanzelfsprekend dat niemand weet hoe die jongen heet die net de winkel overviel."
vanzelfsprekend
Bijvoeglijk naamwoord
  • natuurlijk; begrijpelijk
"dat is niet zo vanzelfsprekend"
"een vanzelfsprekende zaak"

Synoniemen