Betekenis van:
verbondenheid
verbondenheid (de ~)
Zelfstandig naamwoord
- (van personen) het met elkaar verbonden zijn
"een gevoel van verbondenheid"
"verbondenheid met [anderen]"
Synoniemen
Hyperoniemen
verbondenheid
Zelfstandig naamwoord
- emotioneel contact met een ander
"De agent voelde verbondenheid met het slachtoffer van de overval."
Voorbeeldzinnen
- Ten eerste werd geconstateerd dat er een verbondenheid bestaat tussen Ma Gang en een andere Chinese producent van het betrokken product („de andere onderneming”), aangezien in een aantal e-mails wordt verwezen naar het feit dat de eigenaar van Ma Gang de vader is van de eigenaar van de andere onderneming.
- Dit houdt ook in dat een gevoel van verbondenheid met zijn woonplaats, land, de Europese Unie en Europa in het algemeen en de wereld aan de dag wordt gelegd en dat blijk wordt gegeven van de bereidheid deel te nemen aan het democratisch besluitvormingsproces op alle niveaus.
- Indien producenten evenwel in bovenbedoelde zin verbonden zijn met ondernemingen die onderworpen zijn aan de maatregelen die van kracht zijn ten aanzien van de invoer van oorsprong uit de Verenigde Staten van Amerika (de oorspronkelijke compenserende maatregelen), kan hun toch vrijstelling worden verleend als er geen bewijs is dat die verbondenheid tot stand is gekomen of gebruikt werd om de oorspronkelijke maatregelen te ontwijken.
- Vanuit het oogpunt van de emittent van een converteerbaar schuldbewijs met een daarin besloten call- of putoptie wordt de beoordeling van de al dan niet nauwe verbondenheid met het als basiscontract fungerende schuldbewijs uitgevoerd voordat het eigen-vermogenselement overeenkomstig IAS 32 wordt afgescheiden.