Betekenis van:
verpanden

verpanden
Werkwoord
  • belenen; als onderpand geven
"je juwelen verpanden"
"je hart aan iemand/iets verpand hebben"

Synoniemen

Hyperoniemen

verpanden
Werkwoord
  • als basis voor een lening uit handen geven
"Zij moest er haar stradivarius voor verpanden."
verpanden
Werkwoord
  • sterk gehecht zijn aan
"Hij heeft aan Amsterdam zijn hart verpand."