Betekenis van:
verwisselen

verwisselen
Werkwoord
  • ''~ met'' twee zaken elkaars plaats in doen nemen
"Hij had in de veelkeuzetoets de antwoorden met elkaar verwisseld."
verwisselen
Werkwoord
  • omruilen; door iets vervangen
"[de stoelen] van [kussentje/plaats] verwisselen"
"geld verwisselen tegen/voor goederen"

Synoniemen

Hyperoniemen

Hyponiemen

verwisselen
Werkwoord
  • bij vergissing de een, het ene voor de ander, het andere nemen
"iemand verwisselen met [zijn broer]"

Synoniemen

Hyperoniemen


Voorbeeldzinnen

  1. De voorzorgsmaatregelen die moeten worden genomen bij het verwisselen van wielen;
  2. Variaties of wijzigingen in het programmapatroon (bv. verwisselen van pennen of uitwisselen van nokschijven) in één of meer bewegingsassen mogen alleen langs mechanische weg bewerkstelligd worden;
  3. Variaties of wijzigingen in het programmapatroon (bijvoorbeeld verwisselen van pennen of uitwisselen van nokschijven) in één of meer bewegingsassen mogen alleen langs mechanische weg bewerkstelligd worden;