Betekenis van:
voorschieten

voorschieten
Werkwoord
  • voor een ander betalen
"een vriend het geld voor de taxi voorschieten"
"het spijt me, maar ik kan het je niet voorschieten"

Hyperoniemen

voorschieten
Werkwoord
  • iemand een geldbedrag geven dat later verrekend zal worden
"Hij kreeg het bedrag van zijn baas voorgeschoten."