Betekenis van:
waardeloos
waardeloos
Bijvoeglijk naamwoord
- geen waarde hebbend
"Deze oude biljetten zijn nu waardeloos geworden."
waardeloos
Bijvoeglijk naamwoord
- niets waard
"(dat is) knap waardeloos!"
"een waardeloze vent"
Hyperoniemen
waardeloos
Bijvoeglijk naamwoord
- bijzonder slecht, verwerpelijk
"Wat een waardeloze vertoning was dat, zeg!"
Voorbeeldzinnen
- Zijn mening is waardeloos.
- Plotseling voelde ze zich zeer klein, waardeloos en ellendig.
- Dit betekent dat de zekerheid juist in het scenario waarin deze nodig is waardeloos zou zijn.
- Desondanks zou volgens de opvatting van Íslenskt Sement ehf. de objectieve marktwaarde van het gebruiksrecht van deze eigendommen verwaarloosbaar zijn, „zo niet totaal waardeloos”, aangezien zij enkel door Sementsverksmiðjan hf., de enige cementproducent in IJsland, aangewend konden worden.
- Mocht bijvoorbeeld blijken dat in het geval van de liquidatie van een onderneming de verkoopwaarde van haar activa het slechts mogelijk maakt de hypothecaire en preferente schuldvorderingen terug te betalen, dan zouden de gewone vorderingen waardeloos zijn.
- Overeenkomstig punt 168 van het arrest van het Gerecht van eerste aanleg van de Europese Gemeenschappen van 11 juli 2002 in zaak T-152/99 (HAMSA/Commissie) [17] doet een schuldeiser die afziet van de terugbetaling van een aanzienlijk deel van zijn gewone vorderingen die bij een liquidatie waardeloos zijn, niet echt een toegeving.
- De Commissie concludeert derhalve op basis van de waarde van de onderneming als zodanig en de waarde van de grond van KK dat de aandelen KK ten tijde van de eigendomsoverdracht waardeloos waren en dat de door de stad Karkkila voor de aandelen betaalde prijs (713092 euro) in zijn geheel steun aan Componenta vormt.