Betekenis van:
wang

wang (de ~ | meervoud wangen)
Zelfstandig naamwoord
  • deel v.h. gezicht tussen oog en kaak; wang
"iemand een kus op de wang geven"
"wie U op de ene wang slaat, keer hem ook de andere toe"

Synoniemen

Hyperoniemen

wang
Zelfstandig naamwoord
  • zijkant van het gezicht onder het oog