Vertaling van Abgeben

Inhoud:

Duits
Nederlands
Abgeben, Hergeben, Hingeben, Geben, Erteilung [v] (die ~), Gewährung [v] (die ~) {zn.}
verstrekking [v]
verlening [v]
abgeben, aufgeben {ww.}
overhandigen
inleveren

ich werde abgeben
du wirst abgeben
er/sie/es wird abgeben

ik zal overhandigen
jij zult overhandigen
hij/zij/het zal overhandigen
» meer vervoegingen van overhandigen



Gerelateerd aan Abgeben

Hergeben - Hingeben - Geben - Erteilung - Gewährung - abgeben - aufgeben