Vertaling van Zeit
tijdsgewricht
Voorbeelden in zinsverband
Ja, es passiert von Zeit zu Zeit.
Ja, het gebeurt van tijd tot tijd.
Hast du jetzt Zeit?
Heb je nu tijd?
Ich habe keine Zeit.
Ik heb geen tijd.
Ich habe keine Zeit.
Ik heb geen tijd.
Vergeude nicht meine Zeit.
Verspil mijn tijd niet.
Wir haben genug Zeit.
Wij hebben genoeg tijd.
Lassen Sie sich Zeit.
Neem de tijd.
Wir haben viel Zeit.
We hebben veel tijd.
McClellan vergeudete keine Zeit.
McClellan verspilde geen tijd.
Die Zeit vergeht sehr schnell.
De tijd gaat snel om.
Die Zeit heilt alle Wunden.
Tijd is het beste medicijn.
Sie starteten zur gleichen Zeit.
Ze begonnen tegelijkertijd.
Es regnet die ganze Zeit.
Het regent de hele tijd.
Ich habe am Sonntag Zeit.
Ik ben vrij op zondag.
Die Zeit fliegt pfeilschnell dahin.
De tijd vliegt als een pijl.