Vertaling van nicht wahr

Inhoud:

Duits
Nederlands
doch, nicht wahr {spreekw.}
is het niet
nietwaar
of niet

Voorbeelden in zinsverband

Duits
Nederlands

Das ist nicht wahr.

Dat is niet waar.

Das ist nicht wahr.

Dat is niet waar.

Sie sind müde, nicht wahr?

Je bent moe, nietwaar?

Ihr seid Deutsche, nicht wahr?

Jullie zijn Duitsers, toch?

Das kann nicht wahr sein.

Dat kan niet waar zijn.

Englisch ist schwierig, nicht wahr?

Engels is moeilijk hè?

Es kann nicht wahr sein.

Dat kan niet waar zijn.

Keiko ist nett, nicht wahr?

Keiko is vriendelijk, nietwaar?

Du kannst tippen, nicht wahr?

Jij kan toch typen?

Es kann nicht wahr sein.

Dat kan niet waar zijn.

Das kann nicht wahr sein.

Dit kan onmogelijk waar zijn.

Du kennst viele interessante Orte, nicht wahr?

Jij kent veel interessante plaatsen, of niet?

Deine Eltern sind nicht gekommen, nicht wahr?

Uw ouders zijn niet gekomen zeker?

Das ist meine CD, nicht wahr?

Dat is toch mijn CD?

Was er sagte, ist nicht wahr.

Wat hij zei, is niet waar.


Gerelateerd aan nicht wahr

doch