Vertaling van May
I may
you may
he/she/it may
ik mag
jij mag
hij/zij/het mag
» meer vervoegingen van mogen
I may
you may
he/she/it may
ik kan
jij kunt
hij/zij/het kan
» meer vervoegingen van kunnen
meimaand
bloemmaand
bloeimaand
Voorbeelden in zinsverband
May I call later?
Kan ik later terugbellen?
May I go home?
Mag ik naar huis gaan?
May I use this?
Mag ik dit gebruiken?
May I help you?
Kan ik u helpen?
May I say something?
Mag ik iets zeggen?
May I use this pencil?
Mag ik dit potlood gebruiken?
It may freeze next week.
Volgende week gaat het misschien vriezen.
May I speak to Pedro?
Kan ik met Pedro spreken?
May I try this on?
Mag ik het eens passen?
May I sharpen my pencil?
Mag ik mijn potlood scherpen?
He may have been ill.
Hij was misschien ziek.
May I put it here?
Mag ik het hier neerzetten?
May I use the bathroom?
Mag ik van uw wc gebruikmaken?
May God be with us.
God zij met ons.
You may come in now.
Je mag nu binnenkomen.