Vertaling van disgust

Inhoud:

Engels
Nederlands
disgust, nausea, loathing {zn.}
afkeer [m]
walg
misselijkheid [v]
weeheid [v]
walging [v]
weerzin
to disgust, to gross out, to repel, to revolt {ww.}
afstoten
vervreemden

I disgust
you disgust
we disgust

ik stoot af
jij stoot af
wij stoten af
» meer vervoegingen van afstoten

disgust {zn.}
walging [v] (de ~)

Gerelateerd aan disgust

nausea - loathing - gross out - repel - revoltrepel - dislike