Vertaling van fawn

Inhoud:

Engels
Nederlands
fawn {zn.}
hertekalf
kalf  [o]
fawn {zn.}
reekalf
kalf  [o]
fawn {bn.}
geelbruin 
taankleurig
tanig
fawn {zn.}
hindekalf
fawn {zn.}
reekalf [m] (het ~)
to bootlick, to fawn, to kotow, to kowtow, to suck up, to toady, to truckle {ww.}
lijmen

I fawn
you fawn
we fawn

ik lijm
jij lijmt
wij lijmen
» meer vervoegingen van lijmen

to bootlick, to fawn, to kotow, to kowtow, to suck up, to toady, to truckle {ww.}
meepraten

I fawn
you fawn
we fawn

ik praat mee
jij praat mee
wij praten mee
» meer vervoegingen van meepraten


Gerelateerd aan fawn

bootlick - kotow - kowtow - suck up - toady - trucklecalf - baby - capreolus capreolus - persuade