Vertaling van frost

Inhoud:

Engels
Nederlands
to frost, to ice {ww.}
matten
matteren

I frost
you frost
we frost

ik mat
jij mat
wij matten
» meer vervoegingen van matten

to frost, to ice {ww.}
verscherpen

I frost
you frost
we frost

ik verscherp
jij verscherpt
wij verscherpen
» meer vervoegingen van verscherpen

freezing cold, frost {zn.}
vorst [m]
Car windows accumulate frost on winter mornings.
Autoramen verzamelen vorst op winterse ochtenden.
The frost did a lot of damage to the crops.
De vorst heeft veel schade aan de gewassen gedaan.
frost, hoar, hoarfrost, rime {zn.}
rijm [o] (de ~)
rijp [m] (de ~)
freeze, frost {zn.}
onpersoonlijkheid
afstandelijkheid [v] (de ~)
freeze, frost {zn.}
vrieskou [v] (de ~)
freeze, frost {zn.}
vorstperiode
freeze, frost {zn.}
vorst [m] (de ~)
freeze, frost {zn.}
vriesweer [o] (het ~)


Gerelateerd aan frost

ice - freezing cold - hoar - hoarfrost - rime - freezeprocess - horseshoe - h2o - attitude - trait - cold - period - atmospheric condition