Vertaling van neighborhood

Inhoud:

Engels
Nederlands
locality, neck of the woods, neighborhood, neighbourhood, vicinity {zn.}
buurt [m] (de ~)
milieu [o] (het ~)
nabijheid [v] (de ~)
kader [o] (het ~)
omtrek [m] (de ~)
omstreken [m] (de ~)
omstreek
contreien [v] (de ~)
contreie
omgeving [v] (de ~)
He moved into my neighborhood.
Hij kwam in mijn buurt wonen.
I grew up in this neighborhood.
Ik groeide op in deze buurt.


Voorbeelden in zinsverband

Engels
Nederlands

He lives in this neighborhood.

Hij woont in deze wijk.

He moved into my neighborhood.

Hij kwam in mijn buurt wonen.

I grew up in this neighborhood.

Ik groeide op in deze buurt.

The swimming pool is used in common by all the children in the neighborhood.

Het zwembad wordt gemeenschappelijk gebruikt door alle kinderen in de buurt.


Gerelateerd aan neighborhood

locality - neck of the woods - neighbourhood - vicinityarea