Vertaling van steak

Inhoud:

Engels
Nederlands
steak {zn.}
vleeslapje [o]
lapje [o]
steak {zn.}
bief
biefstuk [m] (de ~)
steak {zn.}
varkenslapje
steak {zn.}
steak [m] (de ~)
beefsteak, steak, rumpsteak {zn.}
biefstuk  [m]
bief [m]

Gerelateerd aan steak

beefsteak - rumpsteakflesh - component - porc - beef