Vertaling van wrote:
I wrote
you wrote
he/she/it wrote
ik schreef
jij schreef
hij/zij/het schreef
» meer vervoegingen van schrijven
I wrote
you wrote
he/she/it wrote
ik schreef
jij schreef
hij/zij/het schreef
» meer vervoegingen van schrijven
I wrote
you wrote
he/she/it wrote
ik schreef
jij schreef
hij/zij/het schreef
» meer vervoegingen van schrijven
spellen
I wrote
you wrote
he/she/it wrote
ik schreef
jij schreef
hij/zij/het schreef
» meer vervoegingen van schrijven
I wrote
you wrote
he/she/it wrote
ik schreef weg
jij schreef weg
hij/zij/het schreef weg
» meer vervoegingen van wegschrijven
toonzetten
I wrote
you wrote
he/she/it wrote
ik componeerde
jij componeerde
hij/zij/het componeerde
» meer vervoegingen van componeren
I wrote
you wrote
he/she/it wrote
ik schreef
jij schreef
hij/zij/het schreef
» meer vervoegingen van schrijven
I wrote
you wrote
he/she/it wrote
ik schreef
jij schreef
hij/zij/het schreef
» meer vervoegingen van schrijven
Voorbeelden in zinsverband
Who wrote the Bible?
Wie heeft de bijbel geschreven?
Who wrote this book?
Wie schreef dit boek?
Who wrote a letter?
Wie heeft een brief geschreven?
She wrote me back soon.
Ze schreef me snel terug.
He neither wrote nor telephoned.
Hij schreef noch telefoneerde.
He wrote a letter yesterday.
Gisteren heeft hij een brief geschreven.
Faber wrote books about insects.
Faber schreef boeken over insecten.
Who wrote these two letters?
Wie heeft deze twee brieven geschreven?
I wrote down his phone number.
Ik heb zijn telefoonnummer genoteerd.
I wrote a letter in English.
Ik heb een brief geschreven in het Engels.
I wrote a long letter to her.
Ik schreef haar een lange brief.
He wrote a book on china.
Hij heeft een boek geschreven over porselein.
Tom wrote his name on the blackboard.
Tom schreef zijn naam op het bord.
I wrote a love letter last night.
Ik heb een liefdesbrief geschreven gisteravond.
The novels he wrote are interesting.
De romans die hij geschreven heeft zijn interessant.