Vertaling van vat
Inhoud:
Nederlands
Duits
vat {zn.}
Gefäß
fust , ton , vat {zn.}
Barrel
Faß
Faß
pot, pul, vaas, vat {zn.}
Vase
Gefäß
Behälter
Gefäß
Behälter
Deze vaas is van ijzer.
Diese Vase ist aus Eisen.
Hou de vaas met beide handen vast.
Halt die Vase mit beiden Händen fest.
greep, inname, slag , vat {zn.}
Nehmen
Stich
Griff
Stich
Griff
doos , bak , etui , foedraal , koker , korf , pot , zak, vat , kist , fles , krat , emmer, kruik, urn {zn.}
Besteck
Krug
Behälter
Krug
Behälter
beetpakken, grijpen, vatten {ww.}
ergreifen
greifen
greifen
ik vat
jij vat
hij/zij/het vat
ich ergreife
du ergreifst
er/sie/es ergreift
» meer vervoegingen van ergreifen
inlijsten, in een lijst zetten, vatten {ww.}
einrahmen
ik vat
jij vat
hij/zij/het vat
ich rahme ein
du rahmst ein
er/sie/es rahmt ein
» meer vervoegingen van einrahmen
aanvatten, nemen, oprapen, pakken, vatten {ww.}
nehmen
fassen
fassen
ik vat
jij vat
hij/zij/het vat
ich nehme
du nimmst
er/sie/es nimmt
» meer vervoegingen van nehmen
Jullie moeten bus 5 nemen.
Du solltest die Fünf nehmen.
Zal ik de bus nemen?
Soll ich den Bus nehmen?
begrijpen, beseffen, bevatten, snappen, vatten, verstaan {ww.}
begreifen
erfassen
verstehen
erfassen
verstehen
ik vat
jij vat
hij/zij/het vat
ich begreife
du begreifst
er/sie/es begreift
» meer vervoegingen van begreifen
beetkrijgen, beetnemen, pakken, vangen, vastpakken, vatten {ww.}
erbeuten
ergreifen
ertappen
erwischen
fangen
fassen
ergreifen
ertappen
erwischen
fangen
fassen
ik vat
jij vat
hij/zij/het vat
ich erbeute
du erbeutest
er/sie/es erbeutet
» meer vervoegingen van erbeuten