Vertaling van vertonen
Inhoud:
Nederlands
Duits
laten zien, tentoonspreiden, tonen, vertonen, wijzen, uitwijzen {ww.}
zeigen
hinweisen
weisen
anweisen
angeben
hinweisen
weisen
anweisen
angeben
wij vertonen
jullie vertonen
zij vertonen
wir zeigen
ihr zeigt
sie zeigen
» meer vervoegingen van zeigen
Ik zal je de stad laten zien.
Ich werde Ihnen die Stadt zeigen.
Wilt u me uw paspoort even laten zien alstublieft?
Würden Sie mir bitte Ihren Pass zeigen?
indienen, presenteren, vertonen, voorstellen, aanbieden, spelen {ww.}
vorstellen
anbieten
präsentieren
darstellen
bieten
aufführen
anbieten
präsentieren
darstellen
bieten
aufführen
wij vertonen
jullie vertonen
zij vertonen
wir stellen vor
ihr stellt vor
sie stellen vor
» meer vervoegingen van vorstellen
Mag ik mij voorstellen?
Darf ich mich vorstellen?
Je had je moeten voorstellen.
Sie hätten sich vorstellen sollen.