Vertaling van gebruik

Inhoud:

Nederlands
Engels
gebruik [o], genot {zn.}
use 
Gebruik alsjeblieft geen Engels.
Please don't use English.
Het oude uurwerk is nog in gebruik.
The old clock is still in use.
gebruik [o], zede {zn.}
custom 
way 
usage
mores
Het is ons gebruik om onze schoenen uit te doen voor we het huis binnengaan.
It is our custom to take off our shoes when we enter the house.
gebruik [o], gewoonte, usance {zn.}
custom 
habit 
wont 
practice 
fashion 
way 
Je zou er een gewoonte van moeten maken je tanden te poetsen na elke maaltijd.
You ought to get into the habit of brushing your teeth after every meal.
In Nederland is het de gewoonte dat, wanneer bij de bouw van een huis het hoogste punt bereikt is en de dakpannen gelegd kunnen worden, de opdrachtgever de bouwvakkers…
In the Netherlands, it is the custom that, when during the construction of a house the highest point has been reached and the roof is ready for tiling, the client treats…
gebruik [o] (het ~) {zn.}
use
exercise
utilization
utilisation
usage
employment
Iedereen zou van zijn stemrecht moeten gebruik maken.
Everyone should exercise their right to vote.
Dat is het woordenboek dat ik alle dagen gebruik.
This is the dictionary I use every day.
aanwending [v], gebruik [o] {zn.}
use 
using 
usage
Ik gebruik Twitter.
I am using Twitter.
Ik gebruik Twitter.
I'm using Twitter.
aanwenden, benutten, gebruiken {ww.}
to use 
to turn to account
to make use of
to employ 

ik gebruik

Mag ik dit gebruiken?
May I use this?
Mag ik dit potlood gebruiken?
May I use this pencil?
drinken, gebruiken {ww.}
to drink 

ik gebruik

I drink
» meer vervoegingen van to drink

bikken, gebruiken, eten, vreten, nuttigen {ww.}
to eat 
to feed 

ik gebruik

geplogenheid, mos, praktijk [m] (de ~), gewoonte [v] (de ~), usantie, usus, gebruik [o] (het ~) {zn.}
custom
usance
usage
nuttigen, ontfermen, nemen, gebruiken, consumeren {ww.}
to take
to have
to take in
to ingest
to consume

ik gebruik

I take
» meer vervoegingen van to take

Ik moet medicijnen gebruiken.
I have to take medicine.
Of moet je de bus nemen?
Or do you have to take the bus?
gebruiken {ww.}
to do drugs
to drug

ik gebruik

I drug
» meer vervoegingen van to drug

aanwenden, bezigen, nemen, gebruiken, pakken, toepassen {ww.}
to apply
to employ
to use
to utilise
to utilize

ik gebruik

I apply
» meer vervoegingen van to apply


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Engels

Gebruik alsjeblieft geen Engels.

Please don't use English.

Ik gebruik Twitter.

I am using Twitter.

Ik gebruik Twitter.

I'm using Twitter.

Het oude uurwerk is nog in gebruik.

The old clock is still in use.

Dat is het woordenboek dat ik alle dagen gebruik.

This is the dictionary I use every day.

Gebruik niet de lift in geval van brand.

In case of fire, do not use the lift.

Iedereen zou van zijn stemrecht moeten gebruik maken.

Everyone should exercise their right to vote.

Hij maakte gebruik van het mooie weer om de muur te schilderen.

He took advantage of the fine weather to paint the wall.

De mens is het enige dier dat gebruik maakt van vuur.

Man is the only fire-using animal.

Iedere student in ons college kan gebruik maken van de computer.

Any student in our college can use the computer.

Het is ons gebruik om onze schoenen uit te doen voor we het huis binnengaan.

It is our custom to take off our shoes when we enter the house.

Ik maakte gebruik van de verwarring en viel de vijand aan.

I took advantage of the confusion and attacked the enemy.

Het doeltreffendste middel voor de verspreiding van het Esperanto is het vlotte en elegante gebruik van die taal.

The most effective means for the propagation of Esperanto is the fluent and elegant use of this language.

Als ik Esperanto gebruik met hem, voel ik dat we beiden op hetzelfde peil staan, tenminste als we dat zien uit het oogpunt van taal.

Using Esperanto with him, I feel that we are both at the same level, at least from a lingual point of view.

Als ik Esperanto gebruik met hem, voel ik dat we beiden op hetzelfde peil staan, tenminste als we dat zien uit het oogpunt van taal.

Using Esperanto with him, I sense that we both are at the same level, at least from a linguistic point of view.


Gerelateerd aan gebruik

genot - zede - gewoonte - usance - aanwending - aanwenden - benutten - gebruiken - drinken - bikken - eten - vreten - nuttigen - geplogenheid - moshandeling - verplaatsen - aanwenden - nuttigen - verrichten