Vertaling van getrouwheid

Inhoud:

Nederlands
Engels
getrouwheid [v], trouw {zn.}
allegiance 
faithfulness 
fidelity 
adherence
getrouwheid [v], loyaliteit [v], trouwhartigheid [v], trouw {zn.}
allegiance 
loyalty
adherence
trouw [m] (de ~), getrouwheid, loyaliteit [v] (de ~) {zn.}
trueness
loyalty

Gerelateerd aan getrouwheid

trouw - loyaliteit - trouwhartigheidverbondenheid