Vertaling van kleine

Inhoud:

Nederlands
Engels
baby [m] (de ~), bébé, kindje, kleine [m] (de ~), kleintje [m] (het ~), zuigeling [m] (de ~) {zn.}
baby
infant
babe
Die baby is Tom.
That baby is Tom.
De baby kruipt.
The baby is crawling.


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Engels

Teken een kleine cirkel.

Draw a small circle.

Ze adopteerden het kleine meisje.

They adopted the little girl.

We feestten tot in de kleine uurtjes.

We partied into the small hours.

De kleine jongen zei hallo tegen me.

The little boy said hello to me.

Alleen gelaten begon het kleine meisje te huilen.

Left alone, the little girl began to cry.

De kleine Martin had een rustige kindertijd in Atlanta, Georgia.

Young Martin spent a fairly quiet childhood in Atlanta, Georgia.

Tien mensen stonden op elkaar gepakt in de kleine kamer.

Ten people were packed into the small room.

Houdt ge van vrouwen met grote of met kleine borsten?

Do you like women with large or small breasts?

Toen ik een kleine jongen was ging ik vaak samen met mijn broer vissen aan de rivier.

When I was a little boy, I often went fishing with my brother in the river.


Gerelateerd aan kleine

baby - bébé - kindje - kleintje - zuigelingding