Vertaling van krach

Inhoud:

Nederlands
Engels
krach [m] (de ~), crash [m] (de ~) {zn.}
crash
collapse
De enige overlevende van de crash was een baby.
The sole survivor of the crash was a baby.
bankroet [o], failliet [o], faillissement [o], krach {zn.}
failure
bankruptcy

Gerelateerd aan krach

crash - bankroet - failliet - faillissementineenstorting