Vertaling van nekken

Inhoud:

Nederlands
Engels
nek (mv. nekken) [m] {zn.}
nape
nape of the neck
back of the neck
hals [m], nek (mv. nekken) [m] {zn.}
neck 
slopen, nekken, uitputten {ww.}
to wash up
to tucker out
to exhaust
to tucker
to beat

wij nekken
jullie nekken
zij nekken

we exhaust
you exhaust
they exhaust
» meer vervoegingen van to exhaust

nek [m] (de ~) {zn.}
neck
cervix
nek (mv. nekken) {zn.}
neck opening
neck

Gerelateerd aan nekken

nek - hals - slopen - uitputtenvermoeien - lichaamsdeel - onderdeel - nekstuk