Vertaling van ontkleden

Inhoud:

Nederlands
Engels
uitkleden, ontkleden {ww.}
to undress
to uncase
to unclothe
to strip down
to strip
to peel
to disrobe
to discase

wij ontkleden
jullie ontkleden
zij ontkleden

we undress
you undress
they undress
» meer vervoegingen van to undress


Gerelateerd aan ontkleden

uitkledenontdoen