Vertaling van sleutel

Inhoud:

Nederlands
Engels
sleutel [m], muzieksleutel {zn.}
clef
sleutel [m] {zn.}
key 
wrench
Hier is mijn sleutel.
Here is my key.
Ik heb mijn sleutel verloren.
I lost my key.
sleutel [m] (de ~) {zn.}
key
Geeft u me de sleutel.
Give me the key.
Ik heb mijn sleutel verloren.
I have lost my key.
sleutel [m] (de ~) {zn.}
wrench
spanner
sleutel [m] (de ~) {zn.}
key
Ik ben de sleutel kwijt.
I have lost the key.
muzieksleutel, clavis, sleutel [m] (de ~) {zn.}
clef
wachtwoord [o] (het ~), consigne [o] (het ~), parool [o] (het ~), schibbolet, sjibbolet, sleutel [m] (de ~) {zn.}
password
word
watchword
parole
countersign
Het wachtwoord is "Muiriël".
The password is "Muiriel".
Het huidige wachtwoord is "eosdigital".
The present password is "eosdigital".

Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Engels

Hier is mijn sleutel.

Here is my key.

Geeft u me de sleutel.

Give me the key.

Ik heb mijn sleutel verloren.

I have lost my key.

Ik ben de sleutel kwijt.

I have lost the key.

Hij zocht naar de sleutel.

He looked for the key.

Ik heb mijn sleutel verloren.

I lost my key.

John haalde een sleutel uit zijn zak.

John took a key from his pocket.

Waar heb je die sleutel gevonden?

Where was it that you found this key?

Ik wil Tom mijn sleutel niet geven.

I don't want to give Tom my key.

Geef me de sleutel van dit slot!

Give me the key to this castle!

Ik ben een slot zonder een sleutel.

I'm a lock without a key.

Je bent je sleutel aan het zoeken.

You are looking for your key.

Geef me de sleutel van dit slot!

Give me the key to this lock!

Heeft Tom een sleutel van Marys woning?

Does Tom have a key to Mary's flat?

Kan ik nu de sleutel hebben?

Can I have the key now, please?


Gerelateerd aan sleutel

muzieksleutel - clavis - wachtwoord - consigne - parool - schibbolet - sjibboletwerktuig - inzicht - teken - code - sleutelschacht