Vertaling van zacht

Inhoud:

Nederlands
Engels
zacht, zachtjes, zoetjes, zwakjes {bw.}
softly 
zacht {bn.}
soft 
zacht, zachtjes {bw.}
gently 
softly 
liefelijk, zacht, zoet {bn.}
gentle 
soft 
sweet 
tender 
mild, zacht, zachtaardig, zachtmoedig, zachtzinnig, zoel {bn.}
gentle 
mild 
bland
soft 
stil, zacht, zwak {bn.}
soft 
mals, murw, week, zacht {bn.}
soft 
gentle 
tender 

Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Engels

Slaap zacht, Sean.

Sleep tight, Sean.

Ik slaap graag in een zacht bed.

I like to sleep on a soft bed.

In de verte hoor ik het geluid van zacht ruizende wegen.

In the distance I hear the sound of softly murmuring roads.


Gerelateerd aan zacht

zachtjes - zoetjes - zwakjes - liefelijk - zoet - mild - zachtaardig - zachtmoedig - zachtzinnig - zoel - stil - zwak - mals - murw - week