Vertaling van zetelen
Inhoud:
Nederlands
Engels
resideren, zetelen {ww.}
to occupy
to reside
to lodge in
to reside
to lodge in
wij zetelen
jullie zetelen
zij zetelen
we occupy
you occupy
they occupy
» meer vervoegingen van to occupy
zitten, neerzitten, zetelen {ww.}
to sit
to sit down
to sit down
wij zetelen
jullie zetelen
zij zetelen
we sit
you sit
they sit
» meer vervoegingen van to sit
Laten we op de bank zitten.
Let's sit down on the bench.
U mag op de stoel gaan zitten.
You may sit down on the chair.