Vertaling van binnengaan

Inhoud:

Nederlands
Spaans
binnengaan, binnenlopen, ingaan {ww.}
entrar
montar

ik zal binnengaan
jij zult binnengaan
hij/zij/het zal binnengaan

yo entraré
entrarás
él/ella entrará
» meer vervoegingen van entrar

Ik heb hen de bank zien binnengaan.
Los vi entrar al banco.
Ik zag hem de kamer binnengaan.
Lo vi entrar en el cuarto.
binnengaan [o], entree [v], intrede, toegang {zn.}
acceso [m] (el ~)
entrada [m] (el ~)
Ik heb toegang tot zijn bibliotheek.
Tengo acceso a su biblioteca.


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Spaans

Ik zag hem de kamer binnengaan.

Lo vi entrar en el cuarto.

Ik zag hem de winkel binnengaan.

Lo vi entrar a la tienda.

Ik zag de man de kamer binnengaan.

Vi al hombre entrar en la habitación.


Gerelateerd aan binnengaan

binnenlopen - ingaan - entree - intrede - toegang