Vertaling van belemmeren

Inhoud:

Nederlands
Frans
belemmeren, dwarsbomen, tegenwerken, weerstreven {ww.}
se mettre en tranvers
rouspéter 

wij belemmeren
jullie belemmeren
zij belemmeren

nous rouspétons
vous rouspétez
ils/elles rouspètent
» meer vervoegingen van rouspéter

belemmeren, hinderen, storen, verstoren {ww.}
gêner 
déranger 

wij belemmeren
jullie belemmeren
zij belemmeren

nous gênons
vous gênez
ils/elles gênent
» meer vervoegingen van gêner

afdammen, afsluiten, belemmeren, stuwen, versperren {ww.}
barrer 

wij belemmeren
jullie belemmeren
zij belemmeren

nous barrons
vous barrez
ils/elles barrent
» meer vervoegingen van barrer



Gerelateerd aan belemmeren

dwarsbomen - tegenwerken - weerstreven - hinderen - storen - verstoren - afdammen - afsluiten - stuwen - versperren