Vertaling van opgeven

Inhoud:

Nederlands
Frans
opgeven, zeggen {ww.}
dire 

ik zal opgeven
jij zult opgeven
hij/zij/het zal opgeven

je dirai
tu diras
il/elle dira
» meer vervoegingen van dire

Mag ik iets zeggen?
Puis-je dire quelque chose ?
Ik wil graag ja zeggen, maar...
J'aimerais dire oui, mais...
afstand doen van, opgeven, uitvallen {ww.}
abandonner 
résigner 
renoncer 

ik zal opgeven
jij zult opgeven
hij/zij/het zal opgeven

je résignerai
tu résigneras
il/elle résignera
» meer vervoegingen van résigner

Ik wil niet opgeven.
Je ne veux pas abandonner.
afleggen, opgeven, prijsgeven {ww.}
abdiquer 
kwijtraken, opgeven, verbeuren, verliezen, verspelen {ww.}
perdre 

ik zal opgeven
jij zult opgeven
hij/zij/het zal opgeven

je perdrai
tu perdras
il/elle perdra
» meer vervoegingen van perdre

Ik heb niets te verliezen.
Je n'ai rien à perdre.
Ik wil niet het risico lopen het te verliezen.
Je ne veux pas courir le risque de le perdre.


Voorbeelden in zinsverband

Nederlands
Frans

Ik wil niet opgeven.

Je ne veux pas abandonner.

Hij zou niet zonder verzet opgeven.

Il n'abandonnerait pas cela sans se battre.