Vertaling van toezien

Inhoud:

Nederlands
Italiaans
aflezen, checken, controleren, nakijken, surveilleren, toezien {ww.}
verificare
controllare

ik zal toezien
jij zult toezien
hij/zij/het zal toezien

io verificherò
tu verificherai
lui/lei/Lei verificherà
» meer vervoegingen van verificare

gadeslaan, observeren, toekijken, toezien, waarnemen {ww.}
osservare

ik zal toezien
jij zult toezien
hij/zij/het zal toezien

io osserverò
tu osserverai
lui/lei/Lei osserverà
» meer vervoegingen van osservare

blikken, kijken, bekijken, kijken naar, schouwen, toekijken, toezien {ww.}
guardare

ik zal toezien
jij zult toezien
hij/zij/het zal toezien

io guarderò
tu guarderai
lui/lei/Lei guarderà
» meer vervoegingen van guardare

Ik zag hem naar mij kijken.
L'ho visto guardare verso di me.
Ik heb geen zin om tv te kijken.
Non ho voglia di guardare la TV.