Vertaling van aai

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
aai [m], drietenige luiaard [m], ai [m] {zn.}
aai [m]
drietenige luiaard [m]
ai [m] {zn.}
streling [v], aanhaling [v], liefkozing [v], aai [m] {zn.}
streling [v]
aanhaling [v]
liefkozing [v]
aai [m] {zn.}
aaien {ww.}
aaien {ww.}

ik aai
jij aait
hij/zij/het aait

ik aai
jij aait
hij/zij/het aait
» meer vervoegingen van aaien

opstopper [m] (de ~), optater [m] (de ~), aai, opsodemieter, poeier [m] (de ~), loeier [m] (de ~), kleun, watjekouw [m] (de ~), dreun, hijs, doodklap, beuk, baffer, peut, lel [m] (de ~), peuter, opdoffer [m] (de ~), ram, opdonder [m] (de ~), hengst [m] (de ~), oplazer, opduvel [m] (de ~), oplawaai [m] (de ~) {zn.}
opstopper [m] (de ~)
optater [m] (de ~)
aai
opsodemieter
poeier [m] (de ~)
loeier [m] (de ~)
kleun
watjekouw [m] (de ~)
dreun
hijs
doodklap
beuk
baffer
peut
lel [m] (de ~)
peuter
opdoffer [m] (de ~)
ram
opdonder [m] (de ~)
hengst [m] (de ~)
oplazer
opduvel [m] (de ~)
oplawaai [m] (de ~) {zn.}
streling [v] (de ~), aai [m] (de ~) {zn.}
streling [v] (de ~)
aai [m] (de ~) {zn.}
aaien, strelen {ww.}
aaien
strelen {ww.}

ik aai
jij aait
hij/zij/het aait

ik aai
jij aait
hij/zij/het aait
» meer vervoegingen van aaien



Gerelateerd aan aai

drietenige luiaard - ai - streling - aanhaling - liefkozing - aaien - opstopper - optater - opsodemieter - poeier - loeier - kleun - watjekouw - dreun - hijsklap - aanraking - beroeren