Vertaling van aanvang

Inhoud:

Nederlands
Nederlands
begin [o], aanvang [m], aanhef [m] {zn.}
begin [o]
aanvang [m]
aanhef [m] {zn.}
Ik begin deze namiddag.
Ik begin deze namiddag.
Vandaag begin ik een raplied te schrijven.
Vandaag begin ik een raplied te schrijven.
begin [o], ontstaan [o], aanvang [m] {zn.}
begin [o]
ontstaan [o]
aanvang [m] {zn.}
Deze traditie is ontstaan in China.
Deze traditie is ontstaan in China.
Niemand weet wanneer de Aarde ontstaan is.
Niemand weet wanneer de Aarde ontstaan is.
begin [o] (het ~), aanvang [m] (de ~), inval [m] (de ~), opmaat [m] (de ~), intrede [m] (de ~), beginperiode [v] (de ~) {zn.}
begin [o] (het ~)
aanvang [m] (de ~)
inval [m] (de ~)
opmaat [m] (de ~)
intrede [m] (de ~)
beginperiode [v] (de ~) {zn.}
Het officiële begin is op zaterdag.
Het officiële begin is op zaterdag.
Een goed begin is het halve werk.
Een goed begin is het halve werk.


Gerelateerd aan aanvang

begin - aanhef - ontstaan - inval - opmaat - intrede - beginperiodetijdstip