Vertaling van afkopen
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
loskopen, vrijkopen, afkopen {ww.}
loskopen
vrijkopen
afkopen {ww.}
vrijkopen
afkopen {ww.}
ik zal afkopen
jij zult afkopen
hij/zij/het zal afkopen
ik zal loskopen
jij zult loskopen
hij/zij/het zal loskopen
» meer vervoegingen van loskopen
afkopen {ww.}
afkopen {ww.}
ik zal afkopen
jij zult afkopen
hij/zij/het zal afkopen
ik zal afkopen
jij zult afkopen
hij/zij/het zal afkopen
» meer vervoegingen van afkopen