Vertaling van bekommerd
Inhoud:
Nederlands
Nederlands
bekommerd, bezorgd, ongerust, zorgelijk {bn.}
bekommerd
bezorgd
ongerust
zorgelijk {bn.}
bezorgd
ongerust
zorgelijk {bn.}
bezorgd, bekommerd, ongerust, verontrust {bn.}
bezorgd
bekommerd
ongerust
verontrust {bn.}
bekommerd
ongerust
verontrust {bn.}
bekommeren, omzien, bemoeien, bekreunen {ww.}
bekommeren
omzien
bemoeien
bekreunen {ww.}
omzien
bemoeien
bekreunen {ww.}
ik heb bekommerd
ik had bekommerd
ik zal bekommerd hebben
ik heb bekommerd
ik had bekommerd
ik zal bekommerd hebben
» meer vervoegingen van bekommeren
Ze zijn er te druk mee elkaar te bevechten om zich om gemeenschappelijke idealen te bekommeren.
Ze zijn er te druk mee elkaar te bevechten om zich om gemeenschappelijke idealen te bekommeren.